Chien Français 


De Français, die van oude Franse rassen afstamt, kent verschillende variëteiten met verschillende kleurstellingen: - De Français blanc et noir, die afstamt van twee rassen uit Zuid-Frankrijk, de Saintongeois en de Bleu de Gascogne, met enig Foxhound bloed. Deze variëteit werd in 1957 officieel erkend; - De Français tricolore, een recente creatie, gevormd door de Anglo-Français Tricolore te kruisen met de Français. Er werd gekruist met de Poitevin, de Billy en mogelijk de Bleu de Gascogne. De Français tricolore is steviger en minder snel dan de Poitevin. De standaard voor deze variëteit werd officieel erkend in 1965; - De Français blanc et orange, zeer zeldzaam, werd in 1978 ontwikkeld door een kruising met de Billy. De FCI erkent de drie variëteiten als aparte rassen.

Type hond
Lopende honden

Land van herkomst
Frankrijk

Oorspronkelijke naam
Chien Français

Andere naam
Français, Français blanc et noir, Français tricolore, Français blanc et orange

Karakter
Dit zijn flinke, dappere honden die urenlang een flinke snelheid kunnen volhouden. Met hun uitstekende stem en goede reukvermogen kunnen ze goed in meutes jagen. Ze gaan nauwgezet te werk. Ze zijn gespecialiseerd in de jacht op hert. Ze hebben een vastberaden baas nodig die ze als leider van de meute kunnen accepteren.

Verzorging
De Français leeft in kennels. Ze hebben ruimte en beweging nodig. Ze moeten regelmatig worden geborsteld, en er moet geregeld aandacht aan hun oren worden geschonken.

Gebruik
Jachthond. 

 

Hoofd
Vrij groot en lang. Licht gewelfde schedel. Geringe stop (uitgesproken in de Français tricolore en de Français blanc et orange). Licht gewelfde neusbrug. Bovenlippen bedekken de onderlip. Neusspiegel zwart of oranjeachtig bruin in de blanc et orange.

Ogen
Donker.

Oren
Iets draaiend, bijna tot de basis van de neus reikend indien gestrekt.

Lichaam
Krachtig. Vrij lange en sterke hals. Borstkas hoger dan breed. Licht gewelfde ribben. Enigszins opgetrokken buik-lijn. Rug vrij lang en vlak. Gespierde en stevig aangezette lendenen.

Ledematen
Sterke benen.

Staart
Vrij dik aan de basis en vrij lang, elegant gedragen.

Vacht
Vlak tegen het lichaam liggend, vrij dik en dicht. Fijner in de tricolore.

Kleur
- blanc et noir: moet wit en zwart zijn, met een grote mantel of vrij grote zwarte vlekken. Zwarte, staalgrijze of zelfs tan vlekken alleen op de benen. Lichte vlek boven elk oog en lichte tan aftekeningen op de wangen, onder de ogen, onder de oren en bi

Schofthoogte
Blanc et noir: reu: 65 tot 72 cm; teef: 62 tot 68 cm. Tricolore: reu: 62 tot 72 cm; teef: 60 tot 68 cm. Blanc et orange: 62 tot 70 cm.

Gewicht
Ongeveer 30 kg.