Fietsen met uw hond
Fietsen met uw hond is een ideale manier om uw hond voldoende beweging te geven. Dit moet wel op een verantwoorde manier gebeuren.
- De hond moet eerst leren om naast de fiets te lopen.
- De hond moet in goede gezondheid verkeren.
- Niet fietsen met de hond als de temperatuur gemeten in de schaduw hoger is dan 18 graden.
- De hond moet eerst de tijd gekregen hebben om zijn behoefte te doen.
- Laat de hond nooit met een volle maag naast de fiets lopen. Gevaar voor maagtorsie! Wacht minimum 1 uur. Bij rassen die gevoelig zijn voor een maagtorsie minimaal 2 uur.
- Na thuiskomst moet de hond ook eerst tot rust gekomen zijn voor hij mag eten.
- Kijk regelmatig de voetkussentjes en nagels van de hond na op wondjes of scheurtjes.
- Neem altijd water mee als u lange afstanden fietst en las voldoende rustpauzes in.
- De hond moet volledig volgroeid zijn om naast de fiets te mogen lopen. De gemiddelde leeftijd is één jaar, afhankelijk van het ras. Bij de zeer grote rassen kunt u uitgaan van 1,5 jaar.
Hoe leer ik mijn hond naast de fiets lopen?
De hond moet er natuurlijk geleidelijk aan wennen om naast de fiets te lopen of te rennen. Direct beginnen omdat het toevallig wel lijkt te lukken is natuurlijk niet verstandig. De hond heeft geleerd dat hij aan de linkerkant meeloopt. De reden is dat dit traditioneel zo in de cursussen “gegroeid” is. De hond moet nu dus eerst gaan leren om ook rechts mee te lopen. Als de hond tijdens het fietsen aan de linkerkant van de fiets zou lopen, loopt hij het dichtst bij het verkeer.
Eerst laat u de hond aan de fiets wennen. Trappers op en neer bewegen, het stuur draaien enz. Daarna gaat u een stukje lopen met fiets en hond, de fiets aan de linkerkant en de hond rechts. Gaat dit goed dan loopt u een stuk met de fiets in het midden. (Dit gedeelte is ook al heel goed te oefenen met een hond onder de leeftijd van één jaar, zodat als hij oud genoeg is, al aan de fiets gewend is) Niet alleen rechtdoor lopen, maar maak ook een aantal bochten naar links en naar rechts. Stop een aantal keren, waarbij u de hond het commando “wacht” geeft. Nu kan het “echte” fietsen beginnen. Enkele trappen, en de hond belonen als het goed gaat.
De hond mag niet opspringen. Rijd in het begin enkel rechte stukken. Als dat goed gaat kunt u beginnen met het aanleren van de bochten. Bouw de conditie van uw hond rustig op. Begin met 5 minuten en doe er iedere week 5 minuten bij. Herhaal de oefening wel iedere dag. Een goed getrainde hond zal er geen probleem mee hebben om een uur naast de fiets mee te lopen.
Hoe hard mag de hond lopen?
De snelheid waarmee u fietst, bepaalt natuurlijk de snelheid van de hond. De meeste honden zullen proberen om u bij te houden, hoe hard u ook fietst. Maar dat is natuurlijk niet goed. De juiste snelheid waarmee u begint met fietsen is die waarbij de hond juist overgaat van stap in draf. Geleidelijk aan kunt u oefenen om de snelheid iets te verhogen maar nodig is dat niet. Als u te snel fietst, gaat de hond over van draf in galop. Galop is gangwerk voor korte duur en de sprint op korte afstand, maar niet voor een tocht naast de fiets. In draf, de juiste gang, is het gangwerk welke de hond het langst vol kan houden en de beste spierontwikkeling geeft.
Veiligheid
- Bind de riem niet vast aan het stuur want als de hond dan plotseling trekt heeft u geen enkele controle meer.
- Het beste voor de hond is een tuigje voor om zijn borst, zodat de luchtwegen van de hond vrij blijven, ook al trekt de hond iets aan de riem.
- Daarnaast kunt u gebruik maken van de zogenaamde “Springer”. Het is een beugel met een sterke veer die aan de stang onder het fietszadel wordt gemonteerd. Doordat de veer de rukken van de hond opvangt, kunt u veilig fietsen zonder te vallen. U heeft uw handen vrij. De hond wordt bevestigd aan de beugel van de Springer.
- Houdt u de riem toch zelf vast, gebruik dan een fiets met terugtraprem. Remt u bij een fiets met handremmen alleen met links, dan gebruik u alleen uw voorwielrem. Stel dat uw hond ineens
hard gaat trekken, en u wilt remmen bestaat de mogelijkheid dat u over de kop gaat.
Weetjes
- Voor honden met HD. (Heupdysplasie) is fietsen zeer goed. Door de regelmatige bewegingen worden de spieren rond de heup versterkt waardoor het heupgewricht weer meer steun krijgt. Voorkom wel dat de hond bruuske bewegingen maakt en doe geen sprintjes. Overdrijf niet.
- Fietsen is een goede uitlaadklep voor de energie van de hond, maar houd er rekening mee dat hoe meer conditie uw hond krijgt hoe meer beweging hij nodig zal hebben. Dus dan zal u regelmatig moeten blijven fietsen ook al heeft u er door bijvoorbeeld slecht weer geen zin in.
- Kleine hondjes kunnen het soms gewoon niet aan om naast de fiets te lopen, maar dit is nog altijd geen reden om de hond niet mee te nemen. De hond kan dan lekker in een mandje vooraan op de fiets zitten. Leer de hond rustig te zijn in het mandje en voorkom dat hij eruit kan springen, door bijvoorbeeld een tuigje. Fietst u graag, maar is het te warm, of is de hond te oud om naast de fiets te lopen, dan kan een fietskar een oplossing zijn. (Max. 50 kg)


